Dierentuinen

0
583
blog placeholder

Een dierentuin, ook wel in het Engels “zoo” genoemd, is een verzameling levende dieren, meestal afkomstig uit exotische oorden. Over de hele wereld zijn er zo’n drieduizend dierentuinen, waarvan ongeveer 250 in Europa.

De functie van dierentuinen

Aanvankelijk was het doel van de dierentuinen om de wilde dieren tentoon te stellen aan het publiek. Tegenwoordig hebben dierentuinen veel meer functies. Allereerst educatie, nog steeds van het publiek, maar daarnaast wordt ook steeds meer aan het belang van de dieren gedacht. Dierentuinen zijn vandaag de dag een belangrijke schakel in het fokken van dieren die met uitsterven worden bedreigd. Zij kunnen, mede dankzij samenwerking met andere dierentuinen, soorten behouden en soms deze diersoorten zelfs weer terug in het wild uitzetten. Werden in de eerste dierentuinen de dieren nog tentoongesteld in kleine kooien, de laatste decennia is er meer oog vor het welzijn van de dieren. Het streven is steeds meer om het oorspronkelijke leefgebied van de dieren zo natuurlijk na te bootsen en waar mogelijk meerdere diersoorten bij elkaar te zetten. Daardoor kan men ook het gedrag van de dieren bestuderen. Om het belang van de dieren in dierentuinen te garanderen moeten de Europese dierentuinen voldoen aan de Europese Dierentuin-richtlijn en over een Dierentuinvergunning beschikken.

Ontwikkeling en geschiedenis van dierentuinen

De oudst bekende Europese dierentuin is de Tiergarten Schönbrunn, die in het jaar 1752 werd aangelegd in de tuinen van het keizerlijke paleis in de Oostenrijkse hoofdstad Wenen. Maar ook Artis in Amsterdam en de Antwerpse Zoo hebben al een indrukwekkende geschiedenis achter de rug. Artis was in 1838 een soort van besloten park voor leden van een sociëteit, maar een paar jaar later mochten ook anderen op bepaalde dagen de eerste Nederlandse dierentuin bezoeken.

De Antwerpse Zoo dateert van ongeveer dezelfde periode en is de oudste dierentuin van België. Het is een prachtige monumentale dierentuin midden in het centrum met veel exotische dieren, vooral afkomstig uit het voormalige Belgisch Kongo. Tegenwoordig lopen er meer dan vijfduizend dieren rond van bijna achthonderd verschillende soorten. Behalve de dieren is het park prachtig aangelegd en is de architectuur van de dierenverblijven fantastisch, zoals de Egyptische Tempel waar de olifanten en giraffen wonen en de Moorse Tempel van de okapi’s. Hoewel niet ieder verblijf nog gebruikt kan worden voor de dieren waarvoor ze ontworpen zijn, is de Antwerpse Zoo in zijn geheel als monument en beschermd patrimonium aangemerkt. Daarnaast is de Antwerpse Zoo in 2007 uitgeroepen tot de “mooiste en best bewaarde negentiende eeuwse stads-dierentuin ter wereld”. Maar het is zeker niet alleen vergane glorie. De Antwerpse dierentuin is stamboekhouder van acht diersoorten, waaronder de okapi en het Bonobo-aapje.

De eeuwenoude dierentuinen als Artis en de Antwerpse Zoo hebben de nodige aanpassingen door moeten voeren om te kunnen voldoen aan de moderne richtlijnen, die meer en meer rekening houden met de bewoners. Toch doen de verblijven voor bijvoorbeeld de roofdieren of de apen in onze ogen beperkt aan, want de ruimte in zo’n stadspark blijft nu eenmaal beperkt. In de twintigste eeuw ontstond er dan ook een heel ander soort dierentuin, geen park in het centrum van een grote stad, maar een enorm stuk grond in dunner bevolkte gebieden, waar de dieren de ruimte hadden en natuurlijker konden leven. Een voorbeeld hiervan is het Noorder Dierenpark dat in 1935 in het Nederlandse Drente werd geopend en de belangrijkste toeristische atractie van Noord Nederland werd. In het Noorder Dierenpark zijn de dieren niet naar soorten ingedeeld maar naar het continent waar ze vandaan komen. Ook kwamen er gespecialiseerde dierentuinen met maar een of een beperkt aantal verwante diersoorten, zoals de vogeltuin Avifauna in Alphen aan den Rijn, het Dolfinarium in Harderwijk en de Apenheul in Apeldoorn. Ook België kent dergelijke speciale dierentuinen, zoals het Vogelpark Paradisio in Cambron-Casteau, het Dolfinarium te Brugge en het Serpentarium in Blankenberge. Het landgoed Planckendael bij Mechelen was aanvankelijk alleen maar het buitenverblijf waar de dieren van de Antwerpse Zoo af en toe lekker uit konden dollen. Tegenwoordig is het echter een moderne en volwaardige dierentuin, met zeldzame bedreigde diersoorten zoals de koala.

Bioparc Valencia

Een stukje verder weg, maar zeker de moeite waard is het onlangs geopende “Bioparc” in de Spaanse stad Valencia. Het woord “dierentuin” dekt de lading niet, want in dit park met een oppervlakte van acht hectare leven vierduizend dieren van 250 verschillende soorten in hun natuurlijke omgeving. Er is veel aandacht besteed aan het ontwerpen en nabootsen van die natuurlijke omgevingen. Momenteel zijn er drie ecosystemen: Afrika, Equatoriaal Afrika en Madagascar, met elk hun kenmerkende evenwicht tussen de planten, bomen, bodem en dieren die er thuis horen, en dat ook nog eens op verschillende niveaus. Afrika heeft bijvoorbeeld drie lagen. Ondergronds wonen aardvarkens tussen grote termietenheuvels. De middelste laag bestaat uit een savanne met acaciabossen, waarin giraffen, antilopen, zebra’s, witte neushoorns en kraanvogels rondlopen. De leeuwen kijken vanaf granieten rotsen uit over hun onderdanen. In het ecosysteem Equatoriaal Afrika is een olifantengrot nagebouwd die wordt omgeven door regenwoud, waar ook de bijbehorende dieren in leven. In het systeem Madagascar wonen onder andere een aantal unieke apensoorten en vogels, die in werkelijkheid ook alleen maar op dit eiland voorkomen. In Bioparc Valencia lopen tal van bedreigde diersoorten rond en het park doet, net als andere Europese dierentuinen mee aan vele fokprogramma’s.