Waarom, wanneer en hoe euthanasie

0
840
blog placeholder

Medisch handelen, waardoor het leven onbedoeld wordt verkort, zoals pijnbestrijding met morfine, worden niet tot euthanasie gerekend. Het niet geven van een medische behandeling omdat die zinloos is of omdat de patiënt er geen toestemming voor geeft worden evenmin onder euthanasie gerekend. Hierdoor wordt het leven van de patiënt niet kunstmatig verlengd. Dit houdt bijvoorbeeld in stoppen met medicijnen, voedsel geven via een infuus of apparatuur uitschakelen die de patiënt kunstmatig in leven houdt. Ondanks dat dit niet onder de definitie van euthanasie van de Staatscommissie valt, wordt deze gang van zaken vaak “passieve euthanasie” genoemd.

Ook bij dieren wordt wel van euthanasie gesproken als een dier wordt afgemaakt om te voorkomen dat moet lijden. Of wanneer het wordt gedood om ingewikkelde operaties te vermijden, zonder dat het dier ooit nog de oude wordt, zoals een paard met een gebroken been.

Hoe gaat euthanasie in zijn werk?

Het leven van de patiënt wordt beëindigd door een doelbewuste medische ingreep. Deze bestaat bij voorkeur uit een overdosis van een euthanaticum, een krachtig medicijn waaraan de patiënt op zeker overlijdt. Als deze stof door een dokter, via een infuus, wordt toegediend dan wordt het middel thiopental gebruikt. Als de patiënt ervoor kiest om zelf het middel in te nemen, dan krijgt hij of zij een pentobarbital elixer om op te drinken. Deze middelen veroorzaken om te beginnen een diepe coma. Dan wordt er nog een hoge dosis pancuronium bromide of vencuronium bromide toegediend. Dit middel verslapt alle spieren van het lichaam, waaronder de spieren die de ademhaling regelen. De patiënt stopt daardoor geleidelijk met ademhalen en zal daar uiteindelijk aan overlijden.

De euthanasie-wet

Het opzettelijk beëindigen van andermans leven is in alle Europese landen bij de wet verboden en wordt vervolgd als een misdrijf, ook al gebeurt dit met goede bedoelingen. De enige Europese landen waar dat niet zo is zijn Nederland, België, Luxemburg en Zwitserland. Zwitserland is het enige land waar ook niet Zwitserse patiënten naar toe kunnen gaan om op deze wijze te sterven, in de Benelux mag dat nog niet. In de landen waar euthanasie, inclusief de hulp bij zelfdoding, is toegestaan valt dit nog wel steeds onder het strafrecht. Euthanasie is niet meer strafbaar, maar er moet wel aan de zogenaamde zorgvuldigheidseisen voldaan worden. Dit wordt de strafuitsluitingsgrond genoemd.

De zorgvuldigheidseisen luiden als volgt. Om te beginnen moet de arts ervan overtuigd zijn dat er sprake is van een vrijwillig en weloverwogen verzoek door de patiënt. Ook moet er sprake zijn van uitzichtloos en ondraaglijk lijden. De arts moet de patiënt voorlichten over zijn of haar situatie en over de vooruitzichten. De arts moet samen met de patiënt tot de conclusie komen dat er geen redelijke andere oplossing is en een euthanasie-verklaring opstellen. Daarnaast moet de arts ten minste een collega raadplegen. Deze onafhankelijke arts, of artsen, moeten de patiënt zien en een schriftelijk oordeel geven over de eerder genoemde zorgvuldigheidseisen. Tot slot moet de levensbeëindiging of de hulp bij zelfdoding medisch zorgvuldig worden uitgevoerd. Vervolgens kan de arts aanspraak maken op de strafuitsluitingsgrond, mits hij of zij zich heeft gehouden aan deze eisen en de euthanasie meldt bij de gemeentelijke lijkschouwer. Regionale Toetsingscommissies voor Euthanasie beoordelen vervolgens of de arts inderdaad aan de zorgvuldigheidseisen heeft voldaan.

De euthanasie-wetten in Nederland en België

In Nederland heeft de Nederlandse Vereniging voor een Vrijwillig Levenseinde tientallen jaren gestreefd naar maatschappelijke aanvaarding van euthanasie. Vanaf 1 april 2002 is in Nederland de wet “Toetsing levensbeëindiging op verzoek en hulp bij zelfdoding”in werking. Deze wet geldt alleen voor gevallen van euthanasie, dus het doden en hulp bij zelfdoding op het uitdrukkelijke verzoek van de patiënt. Er zijn overigens ook artsen die hier niet aan mee willen werken. Zij hebben zich verenigd in het Nederlands Artsenverbond, een kleine beroepsvereniging. Deze artsen hanteren een orthodoxere versie van de hippocratische eed, waarin zij beloven hun patiënten geen kwaad te zullen doen en doen daarom principieel niet aan het beëindigen van leven.

In België kunnen bewuste en handelsbekwame meerderjarigen, die ondraaglijk fysiek en psychisch lijden als gevolg van een onomkeerbaar ongeneeslijke ziekte, euthanasie aanvragen. Dit werd in de Belgische wet vastgelegd op 28 mei 2002. De patiënt hoeft hiervoor nog niet terminaal te zijn. De aanvraag moet wel worden gecontroleerd door drie artsen, waarvan er een gespecialiseerd moet zijn in de ziekte waar de patiënt aan lijdt. Het verzoek tot euthanasie moet vrijwillig, overwogen en herhaald te zijn en de patiënt moet uitzichtloos en ondraaglijk fysiek of psychisch lijden. Een Belgische arts die euthanasie heeft uitgevoerd zonder het schriftelijke verzoek van de patiënt te kunnen overleggen, heeft de wet overtreden en kan beschuldigd worden van moord.

Ondanks dat in beide landen euthanasie wettelijk is gereguleerd, is er nog veel tegenstand. Juist het legalisering van iets dat in de praktijk al jarenlang gebeurde, doet de discussie oplaaien. De tegenstand, vanuit het buitenland, maar soms ook nog in Nederland en België, vloeit meestal voort uit de religieuze overtuigingen van de tegenstanders. In het jaar 2008 laaide de discussie, zowel in België als in Nederland, weer even op door de zelfgekozen dood van de schrijver Hugo Claus in het Antwerpse Middelheimziekenhuis.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here